BIOBASELOAD WEST-BRABANT
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
LOCATIE
West-Brabant
JAAR
2015
TEAM
Marco Vermeulen
Bram Willemse
OPPERVLAKTE
1000000000 m2
OPDRACHTGEVER
Regio West-Brabant / Eo wijers-stichting


NIEUWS
INTERVIEW VOOR BRABANT KENNIS

BIOBASELOAD WEST-BRABANT

De kracht van collectieve netwerken

“Wat zijn de ruimtelijke gevolgen en kansen van een ‘energieneutraal’ West-Brabant,
waarbij (in 2050) alleen nog gebruik wordt gemaakt van hernieuwbare bronnen?”


Dutch Smart Thermal Grid
De Nederlandse energievraag bestaat voor 70% uit een warmtebehoefte van woningen, bedrijven, glastuinbouw en industrie. Het overgrote deel van deze warmte wordt momenteel geproduceerd door het verbranden van aardgas. Met het huidige tempo waarop we aardgas in Groningen winnen zijn we echter binnen 50 jaar door onze voorraad heen. Daarna zijn we aangewezen op het importeren van aardgas, bijvoorbeeld uit Rusland. Klimaatverandering, stijgende energierekeningen, geopolitieke afhankelijkheid en aardbevingen, doorgaan op dezelfde weg is geen optie. Het verduurzamen van onze warmtevoorziening is urgent. Maar hoe?

Terwijl de warmtebehoefte enorm is, is er in bepaalde regio’s zoals Zuid-Holland en West-Brabant ook een grote hoeveelheid restwarmte beschikbaar bij de petrochemische industrie, elektriciteitscentrales en afvalverwerkingscentrales. Een deel daarvan wordt momenteel benut met behulp van stedelijk warmtenetten. Er is echter discussie over het duurzame karakter van deze ‘kolenwarmte’ en ook de beschikbaarheid in de toekomst is onzeker.

Moeten we daarom afzien van de aanleg van warmtenetten? Integendeel. Er is namelijk een andere en nog veel duurzamere en kostenefficiënte warmtebron waarbij gebruikt gemaakt kan worden van dezelfde infrastructuur, namelijk aardwarmte (geothermie). Daarbij wordt warm water van 2 tot 4 kilometer diepte opgepompt. Op basis van de huidige kennis van de ondergrond en de boringen lijkt met geothermie in de warmtebehoefte van heel Nederland te kunnen worden voorzien! Het is daarnaast, afgezet tegen andere kleinschaligere voorzieningen zoals zonneboilers en warmtepompen, verreweg de goedkoopste vorm van warmteopwekking (euro/PJ/jaar). Geothermie heeft nog een ander belangrijk voordeel: de zichtbare ruimtelijke impact is minimaal. Daarmee is er (in tegenstelling tot bijvoorbeeld windenergie) op dit aspect weinig maatschappelijk weerstand te verwachten waardoor een grootschalige implementatie mogelijk is.

De komende jaren zullen er in Nederland in regio’s waar vraag naar warmte en aanbod van restwarmte en geothermie dicht bij elkaar liggen ‘regional smart thermal grids’ ontstaan. In tweede instantie zullen ook in de regio’s waar met goed geïsoleerde buisleidingen restwarmte en aardwarmte over grotere afstand aangevoerd kan worden warmtenetten worden aangelegd. Langzaam maar zeker zal er een landelijk dekkend (of zelfs grensoverschrijdend), robuust warmtenetwerk ontstaan waar een grote diversiteit aan partijen warmte kan aanbieden en afnemen: het ‘Dutch Smart Thermal Grid’.

Wind
In het windrijke West-Brabant is windenergie de meest kosteneffectieve oplossing voor een duurzame opwekking van elektriciteit. In het noordwestelijk deel van de regio (dichter bij open water) is de gemiddelde windsterkte, en daarmee de efficiëntie van de windmolens, bijna tweemaal zo veel als in het zuidoostelijk deel. Een electriciteitsneutraal West-Brabant betekent dat in de gehele noordwestelijke helft van de regio windmolens geplaatst moeten worden. Naast windmolens is zonne-energie (pv op daken en op stortplaatsen en fresneltechniek in glastuinbouw) mogelijk, maar kostbaarder en onvoldoende om in de vraag te voorzien. De optie van zonnevelden is daarbij uitgesloten omdat deze concurreert met voedselproductie. Ook elektriciteitsproductie met behulp van geothermie is mogelijk, maar op dit moment nog onvoldoende efficiënt.

Biobased economy
Landbouw en chemie zijn belangrijke economische pijlers van West-Brabant die voorspoed hebben gebracht, maar de regio ook voor een aantal uitdagingen stellen. Het noordwestelijk deel van de regio wordt gekenmerkt door vruchtbare kleigronden waarop voornamelijk suikerbieten en aardappels worden geteeld. De hier gevestigde grootschalige agrobedrijven moeten concurreren op mondiale schaal (en met opkomende economieën) en zijn op zoek naar en nieuwe verdienmodellen en waardecreatie. De strategische ligging van West-Brabant in de Rijn-Maas Delta tussen de havens van Rotterdam en Antwerpen hebben hier ook de petrochemische industrie doen opbloeien. Door toenemende schaarste van fossiele grondstoffen is deze sector op zoek naar de mogelijkheden voor biobased grondstoffen. Door de aanwezigheid van zowel organisch restmateriaal (land- en tuinbouwsector) als een verwerkende (chemische) industrie en een goede samenwerking tussen beide sectoren vervult de regio op dit gebied momenteel een voortrekkersrol op Europees schaalniveau. Door deze positie verder uit te bouwen, bijvoorbeeld door structuurversterking worden nieuwe ontwikkelkansen en investeringsmogelijkheden gecreëerd. Met de realisatie van een ‘Biobased Backbone’ tussen Rotterdam en Antwerpen kan het transport van warmte, biomassa, grondstoffen en C02 worden gebundeld. Zie ook
biobasedbackbone.com

De energietransitie in West-Brabant kan niet los worden gezien van deze ontwikkeling en is randvoorwaardelijk voor een transitie naar een biobased economy. Hoewel bioraffinage bij lagere temperaturen dan bij olieraffinage plaatsvindt, ontstaat er een aanvullende energievraag omdat fossiele grondstoffen een (veel) hogere calorische waarde hebben dan organische grondstoffen. Deze toekomstige energiebehoefte wordt nog zelden meegerekend en zal ook ingevuld moeten worden door duurzame energiebronnen. Maar de transitie naar een biobased economy biedt omgekeerd mogelijk ook kansen voor de energietransitie. Er zal namelijk van de te verwerken biomassa na verwaarding (valorisatie) nog altijd een deel van de biomassa als laagwaardig residu beschikbaar zijn voor energieproductie middels vergisting (biogas) of verbranding (elektriciteit en warmte). Omdat biomassa (in tegenstelling tot wind en zon), kan worden opgeslagen en daarmee continu beschikbaar is, kan het een belangrijk onderdeel vormen van een betrouwbare duurzame energievoorziening (baseload).

Transformatielandschap

Het is moeilijk te voorzien wat de impact van al deze ontwikkelingen op het landschap zal zijn. Hoewel we allemaal streven naar een ruimtelijk en biodivers landschap is de kans groot dat een biobased economy juist baat heeft bij grootschalige landbouw (meer bieten) en een efficiënte verwerking van biomassa. Dit vraagt om nieuwe landschapstypen en een meer gelaagde benadering van de opgave. Het is ook van belang dat de regio duidelijk benoemt waar de transitie de ruimte krijgt (transformatielandschap) en waar andere (arcadische) landschappelijke en cultuurhistorische waarden behouden moeten blijven of zelfs versterkt kunnen worden om de leefbaarheid (‘goed-toeven-landschap’) te borgen (casco).

Coördinatie
We leven in een tijd waarin het zelfbeschikkingsrecht van burgers prevaleert en decentralisatie en bottom-up in de mode zijn. De energietransitie vereist echter goede coördinatie en (centrale) regie waarbij sturing wordt gegeven en de juiste voorwaarden worden gecreëerd. Daarnaast lijkt bij lagere overheden onvoldoende kennis aanwezig op het dossier energie om tot de juiste afwegingen te komen. De rijksoverheid, provincies en kennisinstituten spelen hierbij vanuit het publiek belang een centrale rol.

Bookmark and Share
rwb_thu2.jpg
rwb2_thu2.jpg
rwb3_thu2.jpg
rwb4_thu2.jpg
rwb5_thu2.jpg
rwb6_thu2.jpg
rwb7_thu2.jpg
rwb8_thu2.jpg
rwb9_thu2.jpg
rwb10_thu2.jpg
rwb11_thu2.jpg
rwb12_thu2.jpg